Besluiten in netwerken

De richting van een zwerm

In netwerken gaat het eigenlijk net als met de zwerm vogels die besluit welke kant ze op vliegt. Tot nu toe namen mensen aan dat vogels in zwermen democratische beslissingen namen waarbij er een soort gemiddelde ontstond uit de voorkeuren van alle dieren. Ook bestond er een theorie dat er misschien één leider zou zijn. Uit onderzoek bleek dat er in een zwerm duiven sommige dieren veel meer invloed hebben op de koers dan anderen. De beïnvloeders van de groep wisselen soms wel van plaats en nemen de ene keer meer verantwoordelijkheid dan de andere keer. Elke vogel houdt maar een paar vogels in de gaten en niet de hele zwerm.

Wil je succesvol zijn om een netwerk te richten, dan moet je er in slagen voldoende volgers (individuen en organisaties) te vinden die je weet te enthousias­meren om mee te werken, mee te helpen of op zijn minst om het door te vertellen aan anderen.

Je start dus niet bij een probleem of een analyse, het begint met de verbinding met elkaar. En dan kijkt ook iedereen maar naar een paar vogels. Een clubje dat een besluit moet voorbereiden hoeft niet meteen uit veertig mensen bestaan, het gaat vaak maar om een groepje van maximaal acht mensen. Precies zoals die vogels ook niet naar de 100 andere vogels kijken maar naar de pakweg acht in de buurt. Dat clubje moet elkaar kennen en vertrouwen.

Het is voor mensen die in organisaties met beleidsdocumenten werken heel vreemd om te starten met een relatie, een verbinding. We zijn gewend aan een hiërarchische omgeving, niet aan het vanuit het niets gaan samenwerken. Maar tussen de verschillende organisaties en instellingen die geconfronteerd worden met een probleem is geen hiërarchisch verband. Er is zelfs niet een eensluidende mening over wat het probleem eigenlijk is. Het start dus niet met de kwaliteit van een idee, maar met de kwaliteit van een relatie.

Daarom start een netwerkbesluit met jezelf: Wie ben jij? Wat heb jij te bieden? Wat heeft jou organisatie te bieden aan de ander?